Biodiversiteit en de natuur zijn onmisbaar voor leven op aarde. Het wordt met de dag urgenter hier beter mee om te gaan. Denk bijvoorbeeld aan verlies van biodiversiteit, aanhoudende droogte en watertekort, hittestress in steden, en de stikstofcrisis.
We moeten herstel van natuur en rekening houden ermee niet zien als het tegenovergestelde van economische ontwikkeling. Het een kan het ander juist versterken: concepten als ‘natuurinclusief’, de ‘nature positive economy’, ‘klimaatadaptatie’ of ‘nature-based solutions’ zijn daar goede voorbeelden van.
Maar dit vraagt wel een radicaal andere manier van denken over de relatie tussen mens en natuur. Dat heeft effect op de ruimtelijke inrichting van stad en platteland. Hoe zorg je dat iedereen toegang heeft tot een groene en aangename leefomgeving? Hoe neem je (de belangen van) planten en dieren mee in een co-creatief proces? En hoe vertaal je de juiste kennis naar handelingsperspectief voor ambtenaren of een (sociaal) businessmodel?